Aal
Het is altijd leuk om beleidsmedewerkers of andere ambtenaar achtige personen die iets met beroepsvissers te maken hebben te horen vertellen. Want ze zitten in een spagaat waar een twaalf jarig kapot getraind turnsterretje diep respect voor zou hebben. Langzamerhand is wel duidelijk dat de boel, binnen en buitenwater, aardig leeg gevist is. En ik wil echt niet alleen de beroeps vissers de schuld geven van het verdwijnen van de aal, maar dat is natuurlijk wel zo. Wij vreten de vis op en zijn we dus ook schuldig.
Zij die aal eten dienen zich van kritiek te onthouden. Gelukkig vind ik alleen gerookte aal lekker, maar heb het al zeker vijf jaar niet gegeten, dus ik heb het recht, wat zeg ik, de morele plicht mijn ongenuanceerde mening te luchten.
Wat een eikels die ambtenaren! Ik las een stuk van ene Han Walder die met droge ogen beweerde dat de teruggang van de aalstand niet aan de beroeps vissers lag maar aan de te hoge prijs van glasaal. Dus de vissers kunnen de aal stand niet op peil houden, te duur, en de natuur doet het niet, geen inzwem mogelijkheden, en daarom is er te weinig aal.
Ok. Zou waar kunnen zijn. Op zich denk je snel, als je ze niet weg vangt, dan zwommen ze er nog, maar dat is te naief.
Goed. Er is te weinig aal. Dat zegt ie zelf. Deze Han. En dan is zijn conclusie dat het ‘daarom heel erg raar is dat de europese commissie een reductie van aalvissers wil’.
Ik wordt debiel. Hij geeft zelf toe dat er te weinig aal is, en dat de beroeps visserij daar niks meer aan kan doen. Dan is het toch logisch dat er minder vissers nodig zijn.
Han, vriend, DE AAL IS OP!!!!!!! En dan kan je wel gaan spagaten dat iedereen moet kunnen doorvissen, maar, let op, daar komt ie, DE AAL IS OP.
Ik hoop dat deze ambtenaar niet in de hoogste schaal is ingedeeld. En niet van aal houd. Want hij is op.